Start Viering 40 jaar Ambachtschool Het begin September 1961 Fotoalbum

Ervaringen van een leerling in september 1961.  Bernard Degrijse, oud-leraar en oud-leerling.

Tekst verschenen in het schoolblad Iemand van december 1991.

Wat onzeker stapten we het pittoreske kloosterpoortje binnen om het nieuwe schooljaar 1961-62 te beginnen.  De eerste dag technisch onderwijs te Poperinge.  De speelplaats in kasseien, de Lourdesgrot en de twee prachtige notenbomen deden meer denken aan een begijnhof dan aan een technisch instituut.

De meeste jongens waren samengetroept bij de grot, tot een man van rijpere leeftijd, oud-banketbakker, het allereeste startschot gaf.  Onervaren als hij was, waagde hij het aan het legendarische klokje te trekken.  Wellicht was dit de eerste maal dat dit hier door een manspersoon geschiedde.   Enkele totaal vreemde figuren die er stuk voor stuk doodernstig uitzagen kwamen uit het kleine gebouwtje dat later ultra-polyvalent zou blijken. "Verzamelen voor de grot en in stilte" klonk het eerste bevel.  De heer die ons het geleerdst voorkwam las het gebed en stak een welkomstrede af.  Veel konden we er niet van begrijpen, maar dat het er serieus aan toe zou gaan is wel bijgebleven.  Hij toonde ons twee klaslokalen en één werkplaats.  Er was ook een turnzaal voorzien, maar waar die zich bevond, wist hij ook niet!

De namen werden afgeroepen door M. Verhack, secretaris, huismeester, vervanger, brancardier, winkelier en zelfs studiemeester.  Er waren twee groepen van ruim dertig leerlingen, technici in spe.  De ene groep ging mee met M. Malesys en de andere kreeg vervanging van meester Doom, een Ieperling.  We waren bang dat er een tekort aan leerkrachten zou zijn.  Maar geen nood, stuk voor stuk arriveerden ze toch allemaal : Daniël Ryckeboer, de turnleraar ; Georges Wullen, de wiskundeleraar ; Pierre Vandermarliere, de Fransman enz..

Georges Wullen, voorlopig duivel-doet-al, gaf Wiskunde, Frans, Nederlands en zelfs Godsdienst.  De taak van godsdienstleraar werd algauw overgenomen door een kapelaan van de St.-Jansparochie, EH Roger Claeys.  Hij kon zoals alle pastoors boeiend en soms minder boeiend prediken, en meestal predikte hij in de woestijn.  Pierre Vandermarliere, de luitenant bij de luchtmacht, zwaaide af eind september.  Hij had een blauwe stofjas met knopen aan, waarschijnlijk één van de luchtmacht.  Hij hield de teugels strak, hield van zijn leerlingen en spaarde dus de roede niet!  Daniël Ryckeboer, onze turnleraar, moest met weinig tevreden zijn.  Het enige materiaal dat hij had om te starten was zijn fluitje en een oude 'kaatsbal' die de meisjes van de polientjes in de dakgoot achtergelaten hadden.  We kregen in 't begin heel veel grondoefeningen!  Maar ... Daniël had zo zijn principes.  Wie geen onderbroek aan had, wat toen nog meer voorkwam, mocht niet meedoen, en moest helpen met Medard.  Daniël hield van competitie en waagde het met de beste sportlui naar Ieper te trekken om er een match te spelen.  Tot groot genoegen van alle aanwezige leraars die duo-banen Ieper-Poperinge hadden, won de hoppeploeg met 1-2.  Ook een pionier van het zuiverste water was Roger Orroi.  Zijn voornaamste didactisch materiaal zat bij hem in de keel, en als dat niet volstond bracht hij zijn bandopnemer mee.  Er was echter een probleem, het enige stopcontact was achteraan in de klas.  Op woensdagnamiddag, want toen was er nog les, kwam een kunstenaar met zijn brommertje uit Ieper ons de plastische kunst aanleren.  Hij had pech want reeds de eerste dag verloor hij zijn boekentas.  Oscar Vancoillie verrichte monnikenwerk door met potlood en penseel ons de artistieke kanten van het leven te leren waarderen.  Twee mannen uit heel wat harder hout gesneden, kwamen op donderdag het VTI-Ieper ruilen voor het VTI-Poperinge.  De Heren Erard en Van de Casteele.  Paul Erard gaf technisch tekenen, en verlootte appelen voor Broederlijk Delen.  Van de Casteele gaf biologie en deed dit met een nooit gezien enthousiasme.  Het verkopen van frisdrank tijdens de speeltijd stamt reeds uit die tijd.  Jef Verhack verkocht Cola vanuit zijn winkeltje dat ook het secretariaat en zelfs de leraarskamer was.  Het gebeurde niet zelden dat je aan het loket nog een uitbrander kreeg van de leraar van het vorige lesuur.  Of vaak kon je horen : "'t is toch niet van 't danig opletten dat je zo'n dorst gekregen hebt!'  Lege flessen werden niet aangerekend, maar je kreeg straf als je ze niet terugbracht.  Joseph verkocht ook appelen 5 voor 5 frank.  Vlak naast de grot stond er een grote ouderwetse handpomp met daaronder een antieke , houten kuip, en daar konden leerlingen met vuile handen terecht. 's Winters stond er ijs op en mochten de handen dus niet bevuild worden.

Het was er knus in de winter.  Medard maakte om kwart over acht de kachels aan en twee uur later moest de gangdeur open omdat het zo heet was.  Er werd overdag een stoker aangesteld en die mocht tijdens de les de kachel wat bijvullen of aanporren.  Uiteraard gratuit.  Een van de leraars met het meeste geduld was zeker Gilbert Malesys.  Hij moest ons "de stiel" aanleren, maar dan met zo weinig mogelijk gereedschap.  Hij kwam eerst met een zware moto naar zijn werk, maar rond Sinterklaas kreeg hij een kanariegeel BMW-tje.  Van toen af bracht hij in 't seizoen twee vinkekooien mee naar school.  Wie dan magazijndienst had moest de liedjes tellen.

Op het einde van het eerste en het tweede trimester werd een rapport verwacht.  Toenmalig Deken Jerome Geldof kwam voor de afroeping.  Op het einde van het schooljaar werd er met de werkbanken een podium samengesteld waarop de speelschaar van VTI-Ieper plaatsnam om de plechtige eerste proclamatie op te luisteren.

Bernard Degrijse